De ambtsketen van de burgemeester van Heiloo.

Onze burgemeester Hans Romeyn laat zijn gezicht regelmatig in Heiloo zien. Natuurlijk bij officiële gelegenheden, maar opvallend vaak ook bij burgeractiviteiten.
Wanneer hij zich presenteert als burgemeester draagt hij meestal zijn ambtsketen.

Wij burgers vinden dat dan vanzelfsprekend. Maar interessant is te weten of hij verplicht is om de ambtsketen bij elke gelegenheid te dragen. Volgens de wet is de burgemeester verplicht om de ambtsketen in bepaalde situaties te dragen. De burgemeester, maar ook een waarnemend burgemeester, is verplicht de ambtsketen te dragen tijdens de vergadering van de gemeenteraad en bij de ontvangst van de koning, een commissaris van de Koning of een minister. Ook moet de burgemeester de ketting dragen als hij of zij zich in het openbaar vertoont; in geval van brand, bij oproer, bij samenscholing of bij een andere vorm van verstoring van de openbare orde. Het is een burgemeester toegestaan ook buiten vertegenwoordiging van de gemeente de ambtsketen te dragen.

Het Koninklijk Besluit uit 1852, gewijzigd in 1994, verbiedt dit niet en spreekt slechts van “plechtige gelegenheden”, bijvoorbeeld: het feliciteren van een bruidspaar, het uitreiken van een koninklijke onderscheiding, of “situaties waar hij/zij zich als burgemeester presenteert”.
De aanwezigen bij de feestelijke of semi-officiële gelegenheden waarderen het zeer als de burgemeester zijn ambtsketen draagt. Immers, het is wel de burgemeester die de moeite heeft genomen aanwezig te zijn en ook vaak nog een korte toespraak houdt. De ambtsketen onderstreept dan zijn functie van burgemeester.

De betreffende wettekst is nogal “stoffig” maar nog steeds van kracht.
Op 16 november 1852 vaardigde koning Willem III een Koninklijk Besluit uit over de kledingvoorschriften voor burgemeesters. In artikel 1 werden `de onderscheidingsteekenen’  beschreven als “een zilveren penning, hebbende eene middellijn van veertig strepen (= 4 cm) en vertoonende aan de eene zijde het wapen des Rijks, aan de andere dat der gemeente” die op de borst hoorde te hangen, “hetzij aan eene zilveren keten, hetzij aan eene oranje zijden lint”. Met ingang van 1 december 1994 werd het dragen van officiële kostuums voor burgemeesters bij Koninklijk Besluit afgeschaft maar het dragen van “onderscheidingsteekenen”, de huidige ambtsketen, bleef gehandhaafd.

Onderscheidingstekenen kennen een lange geschiedenis. Van de oude beschavingen kenden alleen de Egyptenaren op enige schaal halssieraden toe aan ambtenaren, die zich verdienstelijk hadden gemaakt. De Romeinen gebruikten vooral ‘lictores’, een soort van stokken of roeden, als attribuut. Naar het voorbeeld van de Romeinen raakten in de middeleeuwen bij vooral koningen en keizers scepters in zwang en stadsbestuurders gingen als teken van gezag steeds vaker een roede dragen. Het is bekend dat in bijvoorbeeld Zwolle en Groningen in de achttiende eeuw nog dergelijke stadsroeden werden gebruikt door gezagsdragers bij vonnissen, executies van boedels en festiviteiten. Het is tekenend voor de tijdgeest van de negentiende eeuw, dat de ‘keten’ opnieuw in de mode kwam.
Napoleon liet zich inspireren door de symboliek van het Romeinse keizerrijk en koning Willem II had een voorliefde voor de gothiek. In 1840 nam de laatste ter gelegenheid van zijn troonsbestijging een nieuwe kroon, scepter en rijksappel in gebruik.
In de eerste helft van de negentiende eeuw ontstond de behoefte om de waardigheid van het ambt van burgemeester te versterken. Anno 2015 maakt de ambtsketen nog steeds duidelijk wie het openbaargezag vertegenwoordigt.

Alle ambtsketens van burgemeesters hebben een penning met aan de ene kant het wapen van de gemeente, en aan de andere kant het rijkswapen of een afbeelding van koning Willem III. Sommige gemeenten hebben ook versiersels rond de penning laten aanbrengen.
De zilveren ketting verschilt per gemeente qua uitvoering. Zij zijn er van rijk gedecoreerd en daardoor behoorlijk zwaar, tot heel sober. De ambtsketen van Heiloo is erg sober.
Dit heeft misschien wel te maken met de manier waarop deze in Heiloo zijn intrede deed.
Het is niet bekend wanneer er in Heiloo voor het eerst een ambtsketen gedragen werd.
Het staat wel vast dat het Koninklijk Besluit op 1 januari 1853 in werking trad en dat de ambtsketen van de burgemeester van Heiloo in 1897 uit een zilveren penning met bijbehorend oranje lint bestond. Het oranje lint was in die tijd meestal voorbehouden aan de kleinere, vaak armere gemeenten, terwijl grote gemeenten vanaf het begin een zilveren ketting hadden.
De penningen van de ambtsketen werden meestal geslagen bij goed aangeschreven bedrijven. De kettingen werden en worden meestal vervaardigd door kunstenaars of zilversmeden, al dan niet via een juwelier.

AmbtsketenBurgemeester Jhr. mr. B.C. van Merlen vond een dergelijke penning met een lintje waarschijnlijk beneden zijn waardigheid want vrijwel onmiddellijk na zijn ambtsaanvaarding deelde hij de raad mee dat hij de aanstaande kroning van de koningin een passende gelegenheid vond om de gemeente een “burgemeestersketting” aan te bieden. Dat was natuurlijk een slecht excuus, want de kroning van koningin Wilhelmina vond pas een jaar later plaats. Het is niet bekend of het dezelfde ambtsketen betreft, als die nu in gebruik is.
In archieven is hierover (nog) niets teruggevonden. Gezien de soberheid van de smalle ovale schakelaars en de wijze waarop de penning aan de ketting is bevestigd is dit waarschijnlijk het geval. De ambtsketen is onlangs onderzocht bij de Keurkamer. Er bevindt zich een keurmerk in de penning, maar dit is te vaag om de penning te kunnen herleiden. Wel is vastgesteld dat de penning authentiek is, evenals de ketting. De ambtsketen is eigendom van de Gemeente Heiloo en er is geen reserve-exemplaar aanwezig.

Er gaat een gerucht dat de ketting een tijdje zoek is geweest. Dat was waarschijnlijk in het jaar 2000. In een persbericht van april dat jaar werd vermeld dat de burgemeester nog zonder ambtsketen verscheen, maar een half jaar later in oktober werd vermeld dat de burgemeester de ketting weer om had. Het was opmerkelijk dat er in de pers zo expliciet, zelfs met foto’s,  aandacht aan werd besteed.

Vorig jaar is de ketting door het juweliersechtpaar Peek aangepast. Rita Peek vertelt dat zij tijdens een vergadering op het gemeentehuis zag dat de burgemeester steeds bezig was de penning op zijn plek te houden. De penning draaide telkens in een voor hem ongewenste richting omdat deze met een simpel oogje aan de ketting was bevestigd. Zij en haar man Simon hebben een fraai passend middenstuk ontworpen waardoor de penning nu goed blijft hangen. Dat de penning goed hangt, is belangrijk want als de burgemeester de gemeente vertegenwoordigt of de raad voorzit, is de regel dat hij de penning zo draagt dat het wapen van de gemeente zichtbaar is. Vertegenwoordigt de burgemeester het rijk, bijvoorbeeld bij het uitreiken van koninklijke onderscheidingen, dan dient het rijkswapen, of de beeltenis van koning Willem III, zichtbaar te zijn.

Hoewel wij in Heiloo het nu heel gewoon vinden dat de huidige burgemeester, mét ambtsketen, vaak bij allerlei bijzondere aangelegenheden in Heiloo aanwezig is, was dit voor zijn aantreden in Heiloo niet zo gebruikelijk. Dit gold voor veel gemeenten in Nederland.
In 1954 spraken zelfs een aantal 1e Kamerleden hun afkeuring uit over het feit dat representatieve figuren als burgemeesters alle mogelijke “koninginnen” van bloemen, hooi, kaas, bier, witte kool, rode kool en nog veel meer, officieel op het stadhuis of elders ontvingen. Gelukkig werd deze afkeuring niet ontvankelijk verklaard.
Onze burgemeester doet dit gelukkig nog wel op basis van vrijwilligheid, waarbij opgemerkt dient te worden dat dit meestal door de mensen of vertegenwoordigers van organisaties zeer gewaardeerd wordt. Immers, het is wel de burgemeester die de moeite heeft genomen aanwezig te zijn en ook nog vaak een woordje spreekt.

Nog steeds heeft de ambtsketen, ook die van Heiloo, een formele en symbolische functie. Het is uiteraard de drager die er een gezicht aan geeft, en er de waarde van bepaalt.

 

Auteur: Dick Slagter

Copyright © Dick Slagter

Dit artikel werd ook gepubliceerd in Heiloo Plus, 2014, nr. 2